Long COVID dag 2026

Jannah, Kees en Adriaan mochten een posterpresentatie geven over de behandeling van NeuroRC bij de 3e Nederlandse Long COVID dag 2026.

Jannah, Kees en Adriaan mochten een posterpresentatie geven over de behandeling van NeuroRC bij de 3e Nederlandse Long COVID dag 2026.

Het doel van deze belangrijke dag: zorgprofessionals, onderzoekers en andere betrokkenen samenbrengen om kennis, ervaringen en nieuwe inzichten over post-COVID te delen en zo zorg en wetenschap verder te ontwikkelen. Dit keer waren we niet alleen toeschouwer, maar mochten we ook onze poster presenteren met als titel:
Veranderingen in Klachten, Functioneren en Autonome Regulatie na een Multimodale Interventie bij Post-COVID: Een Observationele Pre-Post Cohortstudie.
Download de poster hier.

Lous Rijssenbeek-Nouwens, longarts en medisch adviseur bij C-support, nam ons mee in Long COVID en PAIS in perspectief. Vooral indrukwekkend was een slide over mensen die sinds 2022 langdurig gevolgd worden. We wisten al dat post-COVID een grillig beloop kent, maar deze cijfers onderstrepen de ernst: slechts 1–3% is écht hersteld, 14–26% grotendeels hersteld en 24–28% half hersteld.
Prof. Michèle van Vugt, internist-infectioloog, en Stéphanie van Straaten, kinderarts, deelden inzichten vanuit de post-COVID expertisecentra. Wat bijblijft is de quote:
“Behandeling van post-COVID vereist lef: zorg en wetenschap ontwikkelen zich hand in hand.”
Zij gaven ook meer inzicht in de huidige stand van zaken: er staan inmiddels 18.000+ mensen op de wachtlijst, waarvan ongeveer 1.200 patiënten zijn gezien. De behandeling is nog vooral symptomatisch, met als duidelijke ambitie om toe te werken naar verzekerde zorg voor post-COVID. Voor kinderen lijken de wachtlijsten gelukkig beter beheersbaar, waardoor aanmelden zinvol blijft.

In de wetenschapstrack liet Prof. dr. Niels Eijkelkamp, hoogleraar neuro-immunologie, zien dat antistoffen bij post-COVID-patiënten mogelijk in drie profielen zijn onder te verdelen: neuraal, myogeen en overig. Wanneer deze antistoffen bij muizen worden ingespoten, leidde dit tot vermoeidheid, pijn en cognitieve problemen. De gevonden zenuwschade kan verklaren waarom een aanzienlijk deel van de patiënten neuropathische pijn ervaart. Dit onderstreept dat post-COVID heterogeen is en vraagt om behandeling op maat.
Sander Verfaille, neuropsycholoog en neurowetenschapper, en Femke Bouwman, cognitief neuroloog met ervaringsdeskundigheid, legden een verband tussen dysfunctie van de nervus vagus en post-COVID-klachten. Zij benadrukten het belang van het herstellen van een gevoel van veiligheid, waarbij interventies zoals yoga, meditatie, mindfulness en ademhalingstherapie een waardevolle rol kunnen spelen.

Julia Berentschot, onderzoeker aan het Erasmus MC, vertelde over grondig onderzoek naar microcirculatie. In tegenstelling tot eerdere studies vonden zij (nog) geen afwijkingen in microcirculatie, endotheelfunctie en stolling bij ernstige langdurige post-COVID. Vervolgonderzoek, inclusief herhaalmetingen tijdens PEM, volgt.
Cindy Cleypool nam de zaal mee in neuroimmunomodulatie en predictive coding. Predictive coding beschrijft hoe het brein continu voorspellingen maakt over wat er in het lichaam gebeurt en deze vergelijkt met binnenkomende signalen. Deze voorspellingen kunnen verstoord raken, waardoor het immuunsysteem heftiger reageert dan nodig is. Daardoor kunnen klachten zoals vermoeidheid, pijn of benauwdheid blijven bestaan, ook als er niet altijd duidelijke schade meer meetbaar is. Dit betekent niet dat klachten tussen de oren zitten, maar dat herstel mogelijk ook kan liggen in het opnieuw kalibreren van het zenuwstelsel en de verwachtingen van het brein.

Anouck Slaghekke, PhD student in de onderzoeksgroep van Rob Wüst, deelde de bevindingen uit haar promotieonderzoek naar verminderde uitwisseling in de spieren van zuurstof, voedingsstoffen en afvalstoffen in de mensen met post-COVID. Het lijkt er op dat de reden voor deze verminderde uitwisseling 2-delig is: minder aantallen én minder goed functionerende mitochondriën, en daarnaast verdikte celmembranen van de haarvaten wat de uitwisseling van stoffen en gassen bemoeilijkt.
Het gevolg is dat de spieren sneller vermoeid raken bij inspanning.

Ernst Jürgens, klinisch arbeidsdeskundige en bedrijfsarts, besprak in “Wanneer herstel uitblijft: prognose, behandeling en duurzaamheid bij long COVID” hoe werkhervatting bij long COVID vraagt om een andere manier van kijken. Vanuit systeembiologisch perspectief liet hij zien dat long COVID geen klassiek herstelprobleem is, maar eerder een regulatieprobleem: de samenwerking tussen systemen zoals het autonome zenuwstelsel, immuunsysteem, microcirculatie en energiehuishouding raakt verstoord.
Daardoor zegt wat iemand op één moment kan laten zien weinig over wat er daarna gebeurt. Vooral PEM is hierin belangrijk: klachten kunnen uren of dagen na belasting fors toenemen. Re-integratie moet daarom niet alleen gaan over hoeveel uur iemand kan werken, maar over wat iemand kan volhouden zonder terugval. Volgens Jürgens vraagt dit om energiecontingent opbouwen, met aandacht voor prikkels, taakcomplexiteit, houding, POTS-klachten en voldoende herstelruimte.


