Wat gebeurt er in het lichaam bij post-COVID?
Waarom blijven sommige mensen jarenlang klachten houden na een COVID besmetting? De nieuwste wetenschappelijke inzichten uitgelegd.

Figuur overgenomen uit Faghy et al. 2026
Waarom blijven sommige mensen maanden of zelfs jaren klachten houden na een COVID-infectie? Veel mensen met post-COVID ervaren klachten zoals extreme vermoeidheid, brain fog, duizeligheid, PEM (post-exertionele malaise), slaapproblemen of inspanningsintolerantie. Maar wat gebeurt er eigenlijk in het lichaam bij post-COVID?
Hoewel er waarschijnlijk niet één enkele oorzaak van post-COVID bestaat, denken onderzoekers dat meerdere biologische processen een rol spelen, waaronder ontregeling van het immuunsysteem, mitochondriële veranderingen, aanhoudende virusresten, vaatproblemen, verstoringen van het autonome zenuwstelsel en veranderingen in het darmmicrobioom. In deze blog bespreken we de nieuwste wetenschappelijke inzichten. (Faghy et al., 2026).
Kort samengevat
Hieronder vind je de belangrijkste inzichten uit deze blog kort samengevat.
Wat gebeurt er in het lichaam bij post-COVID?
Waarschijnlijk spelen meerdere biologische processen tegelijk een rol in, waaronder een ontregeling van het immuunsysteem, (neuro-)inflammatie, vaatproblemen, ontregeling van het autonome zenuwstelsel en mogelijk aanhoudende aanwezigheid van virale resten.
Waarom veroorzaakt post-COVID brain fog?
Onderzoekers denken dat brain fog samenhangt met neuro-inflammatie, verstoring van de bloed-hersenbarrière, verminderde doorbloeding van de hersenen en mogelijk veranderingen in het darmmicrobioom.
Wat is PEM bij post-COVID?
PEM (post-exertionele malaise) betekent dat klachten verergeren na lichamelijke, mentale of emotionele inspanning. De terugval ontstaat vaak met vertraging en kan dagen tot weken aanhouden.
Waarom blijven mensen moe na corona?
Mogelijke verklaringen zijn verstoringen in energieproductie, microcirculatie, immuunactivatie, autonome ontregeling en slaapproblemen.
Kunnen darmproblemen klachten bij post-COVID verergeren?
Mogelijk wel. Veranderingen in het darmmicrobioom kunnen via de darm-brein-as bijdragen aan ontsteking, cognitieve klachten en vermoeidheid, al is hier nog meer onderzoek naar nodig.
Hoe gebruiken we deze inzichten in de behandeling van post-COVID bij NeuroRC?
Bij NeuroRC gebruiken we deze inzichten om beter te begrijpen welke factoren herstel mogelijk belemmeren. Post-COVID is meestal niet terug te brengen tot één oorzaak. Vaak staan meerdere systemen tegelijk onder druk, zoals het immuunsysteem, het autonome zenuwstelsel en de energiehuishouding. Ook het darmmicrobioom kan hierbij betrokken zijn.
Daarom starten we met een voortraject. In dit voortraject brengen we het persoonlijke klachtenpatroon, de belastbaarheid en mogelijke herstelbelemmerende factoren in kaart. We doen daarbij verschillende metingen: een driedaagse stress- en herstelmeting o.b.v. HRV om zicht te krijgen op slaap, herstel, stressbelasting en autonome regulatie; onderzoek naar het darmmicrobioom om mogelijke aangrijpingspunten te vinden voor ondersteuning van darmgezondheid via voeding, leefstijl en eventuele suppletie; en, waar passend, SARS-CoV-2 sporenonderzoek naar aanwijzingen voor mogelijke aanhoudende virale belasting of immuunactivatie.
Deze metingen zijn ondersteunend en niet bedoeld om één duidelijke oorzaak van post-COVID vast te stellen. Ze helpen wel om beter te begrijpen welke systemen extra onder druk staan en welke herstelvoorwaarden mogelijk beïnvloedbaar zijn.
Op basis van dit voortraject zetten we eerst in op het optimaliseren van beïnvloedbare herstelvoorwaarden, zoals slaap, stress- en herstelregulatie, voeding, darmgezondheid en autonome balans. Zodra we de beïnvloedbare herstelvoorwaarden zo goed mogelijk hebben ondersteund en de belastbaarheid voldoende duidelijk is, starten we met neuroplasticiteitstraining als gepacete opbouw. Daarbij monitoren we doorlopend HR en HRV, zodat we de autonome belasting en herstelrespons kunnen meenemen in de opbouw. Wanneer er sprake is van PEM, bouwen we extra voorzichtig op: bij fysieke inspanning blijven we onder de lactaatdrempel en cognitieve prikkels worden stapsgewijs hervat in een gedoseerd, gepacet ritme.
Lees verder: wat gebeurt er biologisch bij post-COVID?
Welke biologische mechanismen spelen een rol bij post-COVID?
Immuundysfunctie: waarom blijft het immuunsysteem actief?
Bij post-COVID lijken verstoringen van het immuunsysteem een belangrijke rol te spelen, al verschillen deze sterk per persoon. Onderzoekers zien aanwijzingen voor aanhoudende ontstekingsactiviteit, veranderde werking van immuuncellen en mogelijk auto-immuniteit.
Verhoogde ontstekingsstoffen (cytokinen)
Mensen met post-COVID hebben vaak maanden na infectie nog afwijkingen in ontstekingsstoffen (cytokinen), zoals IL-6, TNF-α en IL-1β. Vooral verhoogde IL-6-waarden tijdens de acute infectie lijken samen te hangen met een grotere kans op langdurige klachten. Deze ontstekingsmarkers hangen samen met algemene ernst van klachten, maar niet altijd met specifieke symptomen zoals vermoeidheid of kortademigheid. Mogelijk kunnen combinaties van biomarkers in de toekomst helpen bij diagnose of subtypering van post-COVID, maar daarvoor is nog meer onderzoek nodig.
Veranderde werking van immuuncellen
Er zijn aanwijzingen dat T-cellen (belangrijk voor antivirale afweer) ontregeld raken bij post-COVID. Sommige studies wijzen op een verminderde of uitgeputte immuunrespons (immune exhaustion), mogelijk doordat het lichaam langdurig wordt blootgesteld aan virale resten of aanhoudende infectieactiviteit. Ook andere immuuncellen, zoals monocyten, lijken afwijkend te functioneren en worden in verband gebracht met klachten zoals vermoeidheid en kortademigheid. Het is nog onduidelijk of deze immuunveranderingen de oorzaak van post-COVID zijn, of een reactie op andere processen zoals virale persistentie of microvaatschade.
Auto-immuniteit
Een andere hypothese is dat het immuunsysteem na een COVID-infectie ontregeld raakt en lichaamseigen weefsel gaat aanvallen (auto-immuniteit). Er zijn auto-antistoffen gevonden die mogelijk samenhangen met klachten zoals vermoeidheid, cognitieve problemen en verstoringen van het autonome zenuwstelsel. Vooral antistoffen tegen receptoren die betrokken zijn bij autonome regulatie (zoals hartslag en bloeddruk) krijgen veel aandacht. Tegelijkertijd zijn de onderzoeksresultaten nog wisselend en is onduidelijk welke auto-antistoffen daadwerkelijk ziekteveroorzakend zijn.
Blijven er virusresten achter in het lichaam na COVID?
Bij sommige mensen blijven weken tot maanden na een COVID-infectie nog virusdeeltjes of virale eiwitten aanwezig in het lichaam, ook nadat de acute infectie is verdwenen. Resten van SARS-CoV-2 worden in verschillende weefsels gevonden, waaronder de darm, spieren, lymfeklieren, zenuwweefsel en de hersenen. Vooral de darm lijkt een belangrijke plek waar virusreservoirs kunnen blijven bestaan.
Deze aanhoudende aanwezigheid van virale resten kan het immuunsysteem blijven prikkelen en zo bijdragen aan chronische ontsteking, immuunontregeling en klachten in meerdere orgaansystemen.
Hoewel het bewijs voor virale persistentie en virale reactivatie toeneemt, is nog niet duidelijk in welke mate deze processen daadwerkelijk klachten veroorzaken. Opvallend is dat ook sommige mensen zonder post-COVID nog virusresten in weefsels kunnen hebben. Dit suggereert dat virale persistentie alleen waarschijnlijk niet voldoende is om klachten te verklaren, en dat factoren zoals immuundysfunctie, microvasculaire schade of genetische kwetsbaarheid mogelijk mede bepalend zijn.
Microvasculaire schade: problemen in de kleine bloedvaten
Een belangrijk mechanisme bij post-COVID lijkt schade aan de binnenbekleding van bloedvaten (het endotheel), gecombineerd met verstoorde bloedstolling en overactieve bloedplaatjes. Deze processen worden mogelijk aangestuurd door aanhoudende virusresten, reactivatie van andere virussen en ontregeling van het immuunsysteem.
Schade aan kleine bloedvaten en verminderde doorbloeding
Het endotheel speelt een belangrijke rol in de regulatie van bloeddoorstroming, zuurstoftransport en uitwisseling van voedingsstoffen. Bij post-COVID zijn aanwijzingen gevonden voor aanhoudende endotheelbeschadiging, zelfs na een milde infectie.
Ontstekingsstoffen kunnen het endotheel beschadigen, waardoor de doorbloeding van de kleine bloedvaten verslechtert. Daarnaast lijkt er sprake te zijn van vermindering van het aantal haarvaten, waardoor de weefsels minder zuurstof en voedingsstoffen krijgen. Dit kan bijdragen aan klachten zoals vermoeidheid, spierproblemen en inspanningsintolerantie.
Microstolsels (microclots) en overactieve bloedplaatjes
Beschadiging van bloedvaten kan leiden tot overmatige activatie van bloedplaatjes en verstoring van de bloedstolling. Hierdoor kunnen kleine, afwijkende microstolsels (microclots) ontstaan die de doorbloeding van haarvaten verder belemmeren.
Het is nog onduidelijk bij hoeveel mensen met post-COVID er sprake is van microvasculaire schade, en het is nog niet volledig duidelijk hoe groot de rol van microvasculaire schade is bij mensen met post-COVID in het totale klachtenbeeld. Waarschijnlijk speelt microvasculaire schade samen met andere processen, zoals immuundysfunctie en virale persistentie, een rol bij de aanhoudende klachten bij post-COVID.
Darmmicrobioom en post-COVID: kan een darmdysbiose klachten veroorzaken?
Een relatief onderbelicht mechanisme bij post-COVID is een verstoring van de bacteriën in de darmen: een dysbiose. Uit onderzoek van Lau et al. (2025) blijkt dat mensen met post-COVID minder gunstige en meer ongunstige bacteriesoorten in de darmen hebben dan gezonde mensen. De gunstige bacteriën, zoals de bifidobacteriën en faecalibacteriën, zijn belangrijk voor het functioneren van het immuunsysteem en voor de integriteit van de darmwand.
Korte-keten vetzuren, leaky gut en de darm-brein-as
De productie van korte-keten vetzuren is een van de belangrijke functies van deze bacteriën. Deze vetzuren hebben een belangrijke rol in het behouden van de integriteit van de darmwand. Als de integriteit van de darmwand verstoord raakt kan dit leiden tot een "leaky gut" of lekkende darm. Giftige stoffen, zoals lipopolysachariden (LPS), kunnen mogelijk vanuit de darm in de bloedbaan terechtkomen, met als gevolg activatie van het immuunsysteem. Daarbij komen ontstekingsstoffen vrij, die mogelijk bijdragen aan systemische ontsteking en neuro-inflammatie. Via de darm-brein-as zou dysbiose zo een rol kunnen spelen bij cognitieve klachten zoals brain fog.
Kan voeding of probiotica helpen bij post-COVID?
Ondanks dat het onduidelijk is of de dysbiose de klachten veroorzaakt bij post-COVID, of eerder een gevolg is van de ziekte, zijn er al een aantal kleine studies gedaan die een positief effect laten zien van interventies gericht op het darmmicrobioom bij mensen met post-COVID (Lau et al. 2025). Gerichte interventies op het gebied van voeding, probiotica of zelfs een darmmicrobioomtransplantatie kunnen mogelijk een positieve werking hebben op cognitieve klachten en slaapkwaliteit.
Samengevat: post-COVID wordt mogelijk deels onderhouden door een vicieuze cirkel van virale persistentie, darmdysbiose, leaky gut, chronische inflammatie en verstoring van de darm-brein-as, wat zou kunnen bijdragen aan vermoeidheid, cognitieve klachten en dysautonomie. Er is nog meer interventie-gericht onderzoek nodig om te bewijzen dat microbioom-verbeterende interventies een betekenisvolle verbetering geven op klachtenniveau bij mensen met post-COVID
Symptomen van post-COVID en mogelijke biologische verklaringen
Faghy et al. beschrijven verschillende veelvoorkomende symptomen van post-COVID en hoe deze mogelijk worden beïnvloed door de onderliggende biologische processen.
POTS en dysautonomie: waarom ontstaan duizeligheid en hartkloppingen?
Bij een substantieel deel van de mensen met post-COVID komen vormen van orthostatische intolerantie voor, waaronder Postural orthostatic tachycardia syndrome (POTS) en orthostatische hypotensie. Klachten zoals duizeligheid kunnen ontstaan bij het wisselen van een liggende of zittende houding naar een staande houding.
Normaal gesproken zorgt het autonome zenuwstelsel automatisch voor een goede bloeddrukregulatie wanneer iemand gaat staan. Door zwaartekracht zakt bloed tijdelijk naar de benen en buik, waarna het lichaam dit compenseert door bloedvaten te vernauwen en de circulatie te stabiliseren. Bij post-COVID lijkt dit systeem bij een deel van de mensen onvoldoende te functioneren. Hierdoor kan bloed zich ophopen in de benen (venous pooling), waardoor het hart sneller gaat kloppen om voldoende bloed en zuurstof rond te pompen.
Verschillende mechanismen kunnen hierbij een rol spelen:
Autonome ontregeling (dysautonomie): verstoring van de automatische regulatie van hartslag, bloeddruk en bloeddoorstroming.
Hypovolemie: een verlaagd circulerend bloedvolume, waardoor het lichaam de hartslag verhoogt om de bloeddruk op peil te houden.
Schade aan kleine zenuwvezels (small fiber neuropathy): mogelijk door virus- of immuungemedieerde schade, waardoor bloedvaten minder goed vernauwen.
Microstolsels en verminderde zuurstoftoevoer: afwijkende microstolsels kunnen leiden tot lokale zuurstoftekorten, waarop het lichaam compenseert met een verhoogde hartslag.
Endotheelbeschadiging: schade aan de vaatwand kan vochtverlies uit bloedvaten vergroten en de circulatie verstoren.
Veel mensen met POTS beschrijven ook zogenoemde “adrenaline surges”, met klachten zoals trillen, hartkloppingen, innerlijke onrust en overgevoeligheid voor prikkels. Dit hangt mogelijk samen met verhoogde niveaus van noradrenaline, een stresshormoon dat betrokken is bij de autonome regulatie.
Daarnaast zijn er aanwijzingen dat schade of ontsteking van de nervus vagus kan bijdragen aan dysautonomie. In sommige studies zijn zelfs resten van SARS-CoV-2 in deze zenuw gevonden, hoewel nog niet duidelijk is in hoeverre dit daadwerkelijk klachten veroorzaakt.
Brain fog bij post-COVID: hoe ontstaan concentratie- en geheugenproblemen?
Cognitieve problemen (brain fog) behoren tot de meest voorkomende neurologische klachten bij post-COVID. Mensen ervaren bijvoorbeeld concentratieproblemen, geheugenproblemen, tragere informatieverwerking en mentale vermoeidheid.
Volgens de huidige inzichten lijken deze klachten samen te hangen met neuro-inflammatie (ontsteking in en rond het zenuwstelsel), die mogelijk ontstaat door systemische ontsteking in het lichaam. Hierdoor kan de bloed-hersenbarrière — een beschermlaag die de hersenen afschermt — verstoord raken, waardoor ontstekingsstoffen of mogelijk virale componenten de hersenen kunnen beïnvloeden.
Er zijn verschillende mogelijke verklaringen voor cognitieve klachten:
Ontsteking van hersenweefsel en immuunactivatie: langdurige activatie van afweercellen in de hersenen (microglia) kan hersenfuncties verstoren.
Dysbiose van het darmmicrobioom: een verstoring van het darmmicrobioom kan via de darm-brein-as mogelijk bijdragen aan brain fog via een lekkende darm, activatie van het immuunsysteem, ontstekingsstoffen en neuroinflammatie.
Mitochondriële dysfunctie: de verminderde werking van de mitochondriën zorgt onder andere voor meer oxidatieve stress en minder energie productie in de (hersen)cellen.
Beschadiging van de bloed-hersenbarrière: hierdoor kunnen ontstekingsstoffen makkelijker de hersenen bereiken.
Virale persistentie: in sommige studies zijn virusresten, virale eiwitten en RNA van SARS-CoV-2 maanden tot jaren na infectie aangetoond in hersenweefsel.
Vaatproblemen en verminderde doorbloeding: systemische vaatontregeling kan ook de hersenen beïnvloeden.
Verstoorde neurotransmissie: mogelijk raken processen zoals serotoninesignalering en communicatie tussen zenuwcellen ontregeld.
Onderzoek suggereert dat neurologische klachten bij post-COVID waarschijnlijk ontstaan uit een combinatie van ontstekingsprocessen, vaatveranderingen en mogelijk directe effecten van virusresten in het zenuwstelsel.
Kort samengevat: cognitieve klachten en brain fog bij post-COVID hangen mogelij samen met een dysbiose van het darmmicrobioom, mitochondriële dysfunctie, neuro-inflammatie, verstoring van de bloed-hersenbarrière, vaatproblemen en mogelijk aanhoudende aanwezigheid van virale resten in het zenuwstelsel.
PEM en extreme vermoeidheid bij post-COVID: waarom inspanning klachten kan verergeren
Chronische vermoeidheid is een van de meest voorkomende en invaliderende symptomen van post-COVID. Mensen ervaren vaak een sterk verminderde fysieke en mentale belastbaarheid, waardoor dagelijkse activiteiten die eerder vanzelfsprekend waren veel energie kosten.
Bij ongeveer 50–80% van de mensen met post-COVID komt daarnaast post-exertionele malaise (PEM) voor, een kernsymptoom waarbij klachten verergeren of nieuwe klachten ontstaan na fysieke, cognitieve of emotionele inspanning die de persoonlijke belastbaarheidsgrens overschrijdt. De verergering ontstaat vaak met vertraging — meestal binnen 48 uur — en kan dagen, weken of soms langer aanhouden. Veelvoorkomende gevolgen zijn extreme uitputting, cognitieve verslechtering (brain fog), spierpijn, slaapproblemen en een afname van functioneren.
Er bestaat een sterke overlap in klinische presentatie en mogelijke pathofysiologische werkingsmechanismen tussen post-COVID en Myalgic encephalomyelitis/chronic fatigue syndrome, waarbij PEM een belangrijk diagnostisch kenmerk is.
Mogelijke oorzaken van PEM bij post-COVID
De precieze oorzaak van PEM is nog onbekend, maar onderzoek wijst op een samenspel van verschillende biologische processen:
Verstoorde zuurstofvoorziening en microcirculatie: afwijkingen in haarvaten, endotheelbeschadiging en microstolsels kunnen de zuurstoftoevoer naar spieren verminderen, wat lokale zuurstoftekorten veroorzaakt.
Spier- en mitochondriale disfunctie: spieren bij mensen met post-COVID lijken minder efficiënt energie te produceren. Er zijn aanwijzingen voor verminderde werking van mitochondriën (de energiefabriekjes van cellen), minder energieproductie en verstoringen in vetverbranding en zuurstofgebruik.
Versnelde verzuring en lactaatopbouw: sommige mensen ontwikkelen sneller verhoogde lactaatwaarden tijdens inspanning, wat kan bijdragen aan vroegtijdige uitputting en verminderde inspanningstolerantie.
Ontsteking en immuunactivatie: inspanning kan mogelijk ontstekingsprocessen versterken, onder andere via cytokinen en oxidatieve stress, waardoor klachten tijdelijk verergeren.
Schade door oxidatieve stress: herhaalde periodes van verminderde doorbloeding gevolgd door herstel kunnen leiden tot extra celschade en verdere verstoring van spierfunctie.
Opvallend is dat PEM niet alleen door fysieke inspanning wordt uitgelokt. Ook mentale belasting, cognitieve inspanning of emotionele stress kunnen een terugval veroorzaken.
Pacing bij post-COVID: omgaan met vermoeidheid en PEM
Bij mensen met PEM is het belangrijk dat opbouw niet volgens een standaard trainingsschema plaatsvindt, maar symptoomcontingent en met gebruik van pacing: activiteiten zo verdelen dat iemand binnen zijn of haar belastbaarheidsgrens blijft. Dit betekent het zorgvuldig afwisselen van inspanning en herstel om terugval te voorkomen. Omdat post-COVID sterk fluctueert, vraagt pacing om een individuele aanpak. Hulpmiddelen zoals hartslag, hartslagvariabiliteit (HRV) of soms lactaatmetingen kunnen helpen om grenzen beter te herkennen.
Kort samengevat: vermoeidheid en PEM lijken bij post-COVID samen te hangen met verstoringen in energieproductie, zuurstofvoorziening, spierfunctie, ontstekingsprocessen en mogelijk immuun- en vaatproblemen. Omdat inspanning klachten kan verergeren, ligt de nadruk momenteel op symptoommanagement en het zorgvuldig doseren van activiteit.
Slaapproblemen bij post-COVID: waarom slaap verstoord kan raken
Slaapproblemen komen veel voor bij mensen met zowel acute COVID-19 als post-COVID en gaan vaak samen met klachten zoals vermoeidheid, somberheid en een verminderde kwaliteit van leven.
Onderzoek laat zien dat er verschillende soorten slaapstoornissen voorkomen bij post-COVID. Zo kunnen er, vooral bij niet-gehospitaliseerde patiënten, verstoringen optreden in het circadiane ritme (de biologische klok).
Hoewel slaap een cruciale rol speelt in herstel en hersenfunctie, staat onderzoek naar slaapstoornissen bij post-COVID nog in de kinderschoenen. Er is daarom meer onderzoek nodig naar hoe deze verstoringen precies ontstaan en hoe ze samenhangen met andere symptomen.
Waarom verschillen post-COVID klachten zo sterk per persoon?
Niet iedereen met post-COVID heeft dezelfde klachten. Sommige mensen ervaren vooral vermoeidheid en PEM, terwijl anderen meer last hebben van brain fog, duizeligheid of autonome klachten zoals POTS.
Waarschijnlijk komt dit doordat onderliggende biologische mechanismen per persoon verschillen. Bij de één lijken immuunontregeling en ontsteking op de voorgrond te staan, terwijl bij anderen juist vaatproblemen, mitochondriële veranderingen, dysautonomie of darmdysbiose belangrijker lijken. Deze heterogeniteit maakt post-COVID complex en vraagt om een gepersonaliseerde benadering van herstel.
Conclusie: wat weten we inmiddels over de oorzaak van post-COVID?
Post-COVID is een complex ziektebeeld waarbij waarschijnlijk meerdere biologische processen tegelijk een rol spelen. Dit verklaart mogelijk waarom klachten sterk verschillen tussen mensen en waarom herstel grillig kan verlopen of soms uitblijft.
Hoewel er nog geen behandeling bestaat die post-COVID volledig geneest, groeit de kennis over onderliggende mechanismen snel. Zorgvuldige diagnostiek en, waar mogelijk, optimalisatie van onderliggende biologische processen kunnen bijdragen aan een gerichte, multidisciplinaire en gepersonaliseerde behandeling, met als doel het herstelproces zo goed mogelijk te ondersteunen.
Bronnen
Faghy, M. A., Wüst, R. C. I., Altmann, D. M., Ashton, R. E., McMullen, S. B., Duncan, R., Ewing, A. G., Hausmann, E., Gupta, S., Hornig, M., Joffe, D., Kane, B., Khan, M. A., Natt, M., Owen, R., Putrino, D., Skipper, L., Taylor, C., Thomas, C., … Pretorius, E. (2026). Current status and future perspectives on the mechanistic and pathophysiological understanding of long COVID. Communications Medicine, 6(1), 255. https://doi.org/10.1038/s43856-025-01300-z
Lau, R. I., Su, Q., & Ng, S. C. (2025). Long COVID and gut microbiome: insights into pathogenesis and therapeutics. Gut Microbes, 17(1). https://doi.org/10.1080/19490976.2025.2457495


